Het blijkt dat mensen bij wie ruim voor de puberteit
diabetes type 1 werd ontdekt minder vaak oogcomplicaties
ontwikkelden dan mensen die in de puberteit diabetes type 1 bleken
te hebben. Dit concludeert een groep Italiaanse onderzoekers onder
leiding van Silvana Salardi van Universiteit van Bologna in een
artikel dat binnenkort gepubliceerd zal worden in Diabetes
Care.
Aan deze studie deden 105 mensen met diabetes type 1 mee: bij 53
werd diabetes type 1 ontdekt voor hun puberteit op de gemiddelde
leeftijd van 0 tot 3 jaar. Bij 51 mensen werd in hun puberteit de
diagnose diabetes type 1 gesteld; zij waren toen tussen de 9 en 15
jaar oud. De gemiddelde duur van diabetes was gelijk voor de beide
groepen, namelijk 19,8 en 19,5 jaar voor de pre-puberteits groep en
voor de puberteitsgroep respectievelijk. Bij allen werden foto's
genomen om de ontwikkeling van retinopathie te meten. Albumine in
de urine, bloeddruk en bloedsuiker sinds de diagnose werden ook
gemeten.
Retinopathie kwam vaker voor bij mensen die diabetes kregen in
hun puberteit dan bij mensen die diabetes kregen voor hun
puberteit. Mensen met gemiddeld tot ernstige retinopathie bleken
hogere HbA1c waarden te hebben sinds hun diagnose dan diegene met
mildere of geen retinopathie. De groepen verschilden niet in
albumine niveau of bloeddruk.
Het lijkt erop dat mensen waarbij diabetes type 1 wordt
vastgesteld werd voor de puberteit minder kans hebben op het
ontwikkelen van retinopathie. Deze bescherming wordt teniet gedaan
door ongecontroleerde HbA1c waarden.
Gepubliceerd op: 21 februari 2012
Bron: Diabetes Care